Passieve Bescherming

    Brandweerstand van Constructies

    De brandweerstand van constructies verwijst naar het vermogen van dragende elementen — zoals kolommen, balken, vloeren en wanden — om hun structurele integriteit en draagcapaciteit te behouden wanneer ze worden blootgesteld aan brand.

    De classificatie volgt de Europese norm EN 13501-2 en maakt gebruik van drie criteria: R (Résistance — draagvermogen), E (Étanchéité — vlamdichtheid) en I (Isolation — thermische isolatie). Een element met classificatie REI 120 behoudt dus minimaal 120 minuten zijn draagvermogen, vlamdichtheid en thermische isolatie.

    De Belgische Basisnormen bepalen de vereiste brandweerstand van constructie-elementen op basis van het gebouwtype en de hoogte. Lage gebouwen (h < 10 m) vereisen doorgaans R 30 tot R 60 voor de hoofddraagstructuur. Middelhoge gebouwen (10 m < h < 25 m) vereisen R 60 tot R 120. Hoge gebouwen (h > 25 m) vereisen R 120.

    De brandweerstand van betonconstructies wordt voornamelijk bepaald door de betondekking op de wapening. De normen EN 1992-1-2 (Eurocode 2) bieden tabellen en rekenmethoden voor het bepalen van de vereiste betondekking in functie van de gewenste brandwerendheid.

    Voor staalconstructies moet de brandweerstand doorgaans worden verhoogd door middel van brandwerende bekleding (platen, spuitmortel) of brandwerende coating. Onbeschermd staal bereikt zijn kritische temperatuur (circa 550°C) al na 15-20 minuten in een standaardbrand.

    Houtconstructies bieden een voorspelbaar brandgedrag: hout verbrandt aan het oppervlak met een constante snelheid (circa 0,65 mm/min voor naaldhout). Door voldoende overdimensionering kan een houtconstructie de vereiste brandweerstand bereiken zonder aanvullende bescherming.

    Veelgestelde vragen

    Gerelateerde termen

    Advies vragen